Posts tonen met het label Isaac Asimov. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Isaac Asimov. Alle posts tonen

maandag 27 januari 2020

Supernova! (MSF 68)


Dit deel is een omnibus. De drie romans zijn eerder in de reeks verschenen als delen en ik heb ze dus al eerder besproken.
Zie aldaar.

donderdag 4 mei 2017

Isaac Asimov – De naakte zon (MSF 12)

Dit tweede deel over detective Lije Baley is beter dan het eerste, De stalen holen, MSF 2), en is dus de beste uitgave in de reeks tot nu toe.

We zijn ondertussen gewend aan Asimovs toekomst en aan de drie wetten der robotica en kunnen geen detail ontdekken dat op een of andere wijze niet helemaal klopt. Een consistente future history is een begerenswaardig bezit voor een sciencefictionschrijver. Het is interessant om te zien hoe Asimov gebruik maakt van zijn future history om zichzelf uit te dagen tot een tour de force: namelijk om twee romans te schrijven die in elk opzicht elkaars negatief zijn.

Speelde de eerste roman zich af op de claustrofobische, overbevolkte aarde, waar een moord niet gepleegd kon zijn omdat, geïndoctrineerd door het taboe, geen mens het op zou kunnen brengen om door open ruimte van gebouw naar gebouw te lopen, deze keer is de handeling verplaatst naar de planeet Solaria, ogenschijnlijk in alles de volstrekte tegenpool van de Aarde, waar de moord niet gepleegd kan zijn omdat, geïndoctrineerd door het taboe, geen mens het op zou kunnen brengen om met een ander mens in één ruimte te zijn.

De bevolking van Solaria bestaat uit slechts 20.000 zielen en wordt bijgestaan door vaak honderden robots per persoon. Iedereen woont geïsoleerd op een eigen landgoed, vaak honderden of zelfs duizenden vierkante kilometers groot. De geboortecontrole en het op constant peil houden van de bevolking wordt streng geregeld door eugenetische vakmensen. Fysiek contact is een volkomen taboe, men communiceert via hologrammen. Als men samen een wandeling maakt doet de een dat op zijn of haar eigen landgoed, de ander dito. De holografische projectoren schuiven synchroon mee. Deze vorm van communiceren heet “kijken”, en is heel wat anders dan “zien”, wat fysieke aanwezigheid impliceert. Elkaar naakt “kijken” is doodnormaal, elkaar naakt “zien” ondenkbaar smerig en pervers.

Isaac Asimov
In deze wereld is een moord gepleegd en Baley wordt gevraagd om de moord samen met zijn oude partner, R. Daneel Olivaw, een geavanceerde robot, te onderzoeken. Als Aardling worstelt hij met precies de omgekeerde taboes. Hij voelt zich niet op zijn gemak als hij niet iemand in de buurt heeft, de naakte zon beangstigt hem, robots staan hem tegen. Zijn mores komen permanent in conflict met die van de Solarianen, die hij soms schokt met zijn directheid.

Een moment van epifanie vindt plaats wanneer een Solariaanse socioloog Baley erop wijst dat geen twee planeten in het heelal zo op elkaar lijken als Solaria en de Aarde. Beide gemeenschappen zitten volstrekt vastgeroest in onproductieve taboes. De situatie is zo serieus, dat de mensheid wel eens ten onder zou kunnen gaan, temeer daar één der Solerianen snode plannetjes heeft.

Het detective-verhaal in deze roman is beter dan in het eerste deel, compleet met een soort John-Dickson-Carr-achtig einde waarin de detective toegeeft niet de ware dader te hebben ontmaskerd, nee, haar zelfs te hebben beschermd, maar in plaats daarvan de gevaarlijke mad scientist onschadelijk te hebben gemaakt – en aldus de mensheid te hebben gered. Een soort bijvangst die Carr’s hoofdpersoon Dr. Gideon Fell nooit heeft mogen bijschrijven!

dinsdag 28 februari 2017

Isaac Asimov – De stalen holen (MSF 2)

Het tweede deel in de reeks is een stuk sterker dan het eerste. Niet alleen heeft De stalen holen (1954) van Isaac Asimov veel meer vlees, maar het is ook beter vertaald, en de enigszins zorgelijke ondertoon die Asimovs schrijfstijl kenmerkt is in het Nederlands van B.J. Cramer-Westerhoff prima overgekomen.

Ik heb het werk van Isaac Asimov wel eens ergens omschreven gezien als “burgerlijke sciencefiction”, en daar zit zeker wat in. Zijn helden zijn vaak middelbaar, kalend, een beetje te zwaar. Zeker is dat het geval in dit, het eerste deel over politieagent Lije Baley. Veertiger Baley is een nette, braaf-burgerlijke detective in New York, vol met de conventies en denkbeelden van de hem omringende wereld – een onwaarschijnlijke rebel tegen wil en dank.

Die wereld waar hij in leeft is een vastgeroeste. Mensen wonen in Steden (inderdaad: met een hoofdletter): volledig overdekte units met tientallen miljoenen inwoners die nog nooit buiten zijn geweest, en dan ook zonder uitzondering aan een extreme vorm van agorafobie lijden. Die pleinvrees speelt een centrale rol in de plot.

Baley wordt op een moord gezet die verstrekkende gevolgen kan hebben voor de koele, maar voorzichtig vreedzame relatie tussen de mensheid van de aarde en de Kosmieten, voormalige aardbewoners die eeuwen terug de ruimte hebben veroverd en nu met hun superieure technologie teruggekeerd zijn en in een open stad naast New York zijn gaan wonen. Hun doel op aarde is om de mensheid aldaar ervan te doordringen dat ze zich aan de C/Fe revolutie moeten onderwerpen: C voor koolstof, Fe voor ijzer, zijnde het verregaand geïntegreerd samenleven van mens en robot. In Asimovs universum zijn robots in alle opzichten superieur aan de mens, maar vanwege een fundamentele parameter, die het robots verbiedt een mens op welke manier dan ook te kwetsen, kunnen ze principieel geen gevaar vormen voor de mensheid anders dan dat ze werkloosheid veroorzaken. Deze restrictie maakt de moordzaak in eerste instantie extra ingewikkeld, omdat de enige verdachte een robot lijkt te zijn. Een mens zou de open vlakte tussen New York en de woonplaats van de Kosmieten nooit hebben kunnen oversteken, vanwege zijn geprogrammeerde angst voor vlaktes, alleen een robot (of een Kosmiet zelf) zou dat gekund hebben. Een robot zou nooit de moord hebben kunnen plegen, alleen een mens (of een Kosmiet zelf) zou dat hebben gekund. Ziedaar het probleem. Een bepaalde oplossing dringt zich vrijwel ogenblikkelijk op.

Isaac Asimov
Baley krijgt een partner toegewezen, de zeer geavanceerde robot R. Daneel Olivaw (“R” staat voor “Robot”), die ons in de loop van het boek steeds sympathieker wordt. Na een moeizaam manoeuvreren tussen de Kosmieten, de politie, zijn familie en een ondergrondse anti-robotbeweging, genaamd de “Middeleeuwers”, weet hij uiteindelijk de dader te vinden. Tegelijk zijn de Kosmieten erin geslaagd bij hem de kiem te zaaien van aanvaarding van deze nieuwe C/Fe-toekomst voor de mensheid.

Wat deze roman tegelijk sterk en op een rare manier zwak maakt is dat het naast een sciencefictionverhaal ook nog eens een regelrechte whodunnit is: een detectiveverhaal dat geheel gebaseerd is op logisch redeneren, regelrecht uit de traditie van Ellery Queen of John Dickson Carr. Onmiskenbaar spijtig is het, dat op het moment dat men zich dit realiseert, men vrijwel onmiddellijk met zekerheid weet wie de dader moet zijn. Want net als in een conventionele whodunnit zou het ook hier als een doodzonde beschouwd worden om op het laatste moment met allerlei verborgen gehouden feiten op de proppen te komen. Graag een eerlijke puzzel dus en die krijgen we ook, maar de puzzel blijkt simpelweg niet complex genoeg te zijn.

De stalen holen is de tweede roman in een zeer omvangrijk en consistent robot-oeuvre van Asimov. In 38 korte verhalen en 5 romans wordt de geschiedenis van de robotica uitgebreid behandeld. In vier van de vijf romans staan Lije Baley en R. Daneel Olivaw centraal. De drie grondwetten van de robotica, zoals ze in deze serie geformuleerd zijn, vormen de ruggengraat van deze complete future history.

Dit was trouwens niet de enige future history die Asimov construeerde: zijn Foundation-reeks is net zo legendarisch. Grappig vind ik dat R. Daneel Olivaw tienduizenden jaren later ook zijn opwachting maakt in het tijdperk van de Foundation. Blijkbaar wilde Asimov op een bepaald moment zijn twee geesteskinderen aan elkaar koppelen.